|
Jaap Dijkman was zeer betrokken bij de organisatie van het onderwijs, in het bijzonder de onderlinge afstemming ervan.
DIJKMAN, Jacobus Gerhardus ('s Graveland, 11 oktober 1920 - Bloemendaal, 10 januari 1992). Gehuwd met Geertruida Adriana Comaita. Uit dit huwelijk werden vier dochters en een zoon geboren.
Jaap Dijkman bezocht de ULO en het Triniteitslyceum te Haarlem. Hij studeerde wis- en natuurkunde aan de Universiteit van Amsterdam, waar hij in 1943 het kandidaatsexamen en in 1947 het doctoraalexamen met hoofdvak Wiskunde deed. Na een jaar als wiskundige in dienst te zijn geweest bij Werkspoor Amsterdam werd hij in 1948 leraar aan het Coornhertlyceum te Haarlem. In 1952 promoveerde hij aan de Universiteit van Amsterdam bij prof.dr. A. Heyting op het proefschrift Convergentie en Divergentie in de Intuïtionistische Wiskunde. Vanaf 1954 was Dijkman verbonden aan de Technische Hogeschool Delft, aanvankelijk als instructeur, vanaf 1958 als wetenschappelijk medewerker, vanaf 1963 als lector en vanaf 1966 als gewoon hoogleraar in de Zuivere en Toegepaste Wiskunde. In 1984 ging hij met pensioen.
Zijn wetenschappelijk onderzoek, dat zijn neerslag heeft gekregen in enige tientallen publicaties, bestrijkt een drietal gebieden, namelijk intuïtionistische wiskunde, waarschijnlijkheidsrekening en fuzzy sets ('vage verzamelingen'). Het wetenschappelijk werk is bij het intuïtionisme begonnen en daar eigenlijk ook gebleven. De publicaties betreffende waarschijnlijkheidsrekening, beïnvloed door prof.dr.ir. J.W. Cohen, zijn intuïtionistische beschouwingen en verhandelingen over Markovketens. Zijn streven was om wiskunde toepasbaar te maken in technische wetenschappen. In dat verband werkte hij nauw samen met prof.dr.ir. H.W. van Nauta Lemke op het gebied van fuzzy control. Met aanstekelijk enthousiasme vertelde hij over fuzzy sets.
Dijkman was een echte onderwijsman. Hij heeft niet alleen jarenlang op inspirerende wijze colleges gegeven aan eerstejaarsstudenten, ook heeft hij in tal van bestuursfuncties veel aandacht besteed aan onderwijskundige en pedagogische problemen, zowel nationaal als internationaal. Van 1970 tot 1972 was hij conrector van de Technische Universiteit Delft, daarna nog een jaar lid van het College van Bestuur. Hij was mede-oprichter van de Delft University Press. Gedurende tien jaar was hij secretaris van het Wiskundig Genootschap en vervolgens van 1966 tot 1968 voorzitter. Van 1981 tot 1882 was hij President van de European Society for Engineering Education.
De titel van zijn afscheidsrede in 1984, Het spel dient verder gespeeld te worden, was zijn devies, gedurende zijn hele actieve leven.
Literatuur J.G. Dijkman, Openbare les, 21 februari 1964, Zeker en onzeker
J.G. Dijkman, Intreerede, 8 februari 1967, Laat ons verder spelen
J.G. Dijkman, Diesrede, 9 januari 1971, Wiskunde en Onderwijs
J.G. Dijkman, Uitreerede, 9 februari 1984, Het spel dient verder gespeeld te worden
J.G. Dijkman, 'Einige Sätze über mehrfach negativkonvergente Reihen
in der intuitionistischen Mathematik', Indagationes Mathematicae 8, 532-536 (1946)
F. van der Rhee, H.R. van Nauta Lemke, J.G. Dijkman, 'Knowledge based fuzzy control of systems', IEEE Trans. Automat. Control 35, 148-155 (1990)
Links Scientific Commons; scans van redes van J.G. Dijkman
Publicaties
Archief
Auteur: Jan M. Aarts, Dick Mensch en Ank Voets
Laatst gewijzigd: februari 2009
| |